Kapitaalgoederen zijn onderdelen van de openbare ruimte en accommodaties waarvoor langlopende investeringen nodig zijn. Het beheer en onderhoud hiervan is gericht op de duurzame instandhouding. Deze paragraaf bevat een toelichting op het beleidskader, kwaliteitsniveau, onderhoudsplan en de financiën van de goederen op het gebied van:
Openbare ruimte
Riolering
Sportaccommodatie
Onderwijshuisvesting
Gemeentelijk vastgoed
In de financiële begroting, paragraaf Investeringen, zijn de investeringsuitgaven per beleidsterrein voor de komende vier jaren opgenomen. In onderstaand overzicht wordt een totaalbeeld gegeven van de staat van onderhoud van de kapitaalgoederen. Dit wordt verder in de paragraaf nader toegelicht.
Overzicht onderhoud kapitaalgoederen
Categorie | Beleidskaders | Gewenst kwaliteitsniveau | Beheer- en onderhoudsplannen / Looptijd plannen | Datum vaststelling door de raad | Is sprake van achterstallig onderhoud (AOH)? | Zo ja, zijn er toereikende voorzieningen/ reserves voor AOH? |
|---|---|---|---|---|---|---|
Wegen | Integraal Beheerplan (IBOR) 2022-2026 | B | Integraal Beheerplan (IBOR) 2022-2026 | 15-9-2022 | Ja | Ja |
Kunst- en waterwerken | Integraal Beheerplan (IBOR) 2022-2026 | B | Integraal Beheerplan (IBOR) 2022-2026 | 15-9-2022 | Ja | Ja |
VRI's en openbare verlichting | Integraal Beheerplan (IBOR) 2022-2026 | B | Integraal Beheerplan (IBOR) 2022-2026 | 15-9-2022 | Nee | N.v.t. |
Groen en speelvoorzieningen | Bomenplan Purmerend 2020-2040 | B | Integraal Beheerplan (IBOR) 2022-2026 | 15-9-2022 | Nee | N.v.t. |
Riolering | WRP 2024-2027 Zaanstreek-Waterland (nog niet gereed) | Kostendekkingsplan 2024-2027 riolering, als onderdeel van het WRP ZAWA (nog niet gereed) | n.n.b. | Nee | N.v.t. | |
Water | Grondwater beleidsplan 2018-2023 | Uitvoeringsplan Klimaatadaptatie Zaanstreek-Waterland 2021-2024. | n.n.b. | Nee | N.v.t. | |
Sport | Exploitatieovereenkomst met Spurd 2018 | NEN 2767 | MJOP | N.v.t. | ||
Onderwijs gebouwen | Verordening Voorzieningen Huisvesting. onderwijs gemeente Purmerend 2015’ (2015/1156735) IHP 2021 | NEN 2767 | Beheer is voor rekening scholen | N.v.t. | ||
Overige gemeentelijk vastgoed | Nota Gemeentelijke Gebouwen Purmerend 2017 | NEN 2767 | MJOP | N.v.t. |
Beleidskader
De openbare ruimte bestaat uit kapitaalgoederen zoals wegen, groen en speelvoorzieningen, bruggen, kades, openbare verlichting en verkeersregelinstallaties.
Kwaliteitsniveau
De Kwaliteitscatalogus van CROW (kennisinstituut voor de openbare ruimte) deelt de technische kwaliteit van de openbare ruimte op in vijf categorieën (A+, A, B, C en D). Kwaliteitsniveau A staat voor een hoog kwaliteitsniveau en kwaliteitsniveau D staat gelijk aan het hebben van een slecht onderhoudsniveau/onderhoudsachterstanden; deze delen van de openbare ruimte zijn niet acceptabel of hadden al vervangen moeten zijn. De openbare ruimte in Purmerend en Beemster werd op kwaliteitsniveau C onderhouden en groen op B-niveau. Met het vaststellen van de nieuwe beheerplannen in 2022 is het gewenste kwaliteitsniveau gelijk getrokken voor alle beheerdisciplines op B niveau. Komende jaren zal er naar dit niveau toegewerkt worden.
Beheerplan
In september 2022 is het nieuwe integrale beheerplan (IBOR) vastgesteld door de gemeenteraad. Dit plan kent een looptijd van 2023-2026. Met het vaststellen van dit document is de ambitie uitgesproken om de komende jaren te groeien naar het onderhouds- kwaliteitsniveau B. Hiervoor zijn ook de financiële middelen beschikbaar gesteld. Echter nu blijkt dat een periode van 4 jaar niet realistisch is om het volledige areaal op B-niveau te krijgen. Dit in verband met de interne en de externe capaciteit en de bereikbaarheid van de stad. Het is realistischer om dat in een periode van 10 jaar te doen (inmiddels 2 jaar verstreken). In 2025/2026 wordt het IBOR geactualiseerd aan de hand van de op dat moment geldende stand van zaken.
Financiën
In de meerjarenbegroting zijn de benodigde investeringen in kapitaalgoederen van de openbare ruimte opgenomen. Ook de kosten die gepaard gaan met het inlopen van eventuele onderhoudsachterstanden zijn hierin opgenomen. In 2022 is de bestemmingsreserve instandhouding openbare ruimte ingesteld ter egalisatie van schommelingen in de uitvoering van het integrale beheerplan. In 2025 is per saldo € 0,7 miljoen toegevoegd aan de bestemmingsreserve instandhouding openbare ruimte.
Beleidskader
Riolering zorgt voor de afvoer van ons afvalwater, waardoor risico’s voor de volksgezondheid en overlast worden beperkt. Sinds 1 januari 2024 zijn meerdere losse wetten en regelingen over de fysieke leefomgeving vervangen door de Omgevingswet. De gemeentelijke watertaken zijn ongewijzigd. Het gemeentelijk beleid geeft invulling aan de zorg voor afvalwater, hemelwater en grondwater en is vastgelegd in het gemeentelijk Water- en Rioleringsprogramman (WRP) en het Grondwaterbeleidsplan. Het Water- en Rioleringsprogramma Purmerend 2025-2030 is in 2024 voorbereid en wordt in 2025 ter vaststelling aangeboden aan de raad. Het geactualiseerde Grondwaterbeleidsplan is onderdeel hiervan. Met de regiogemeenten en Hoogheemraadschap Hollands Noorderkwartier (HHNK) werken we samen aan planvorming en opgaves.
Kwaliteit
De gemeente Purmerend, het Waterschap (HHNK), PWN en de gemeenten in de regio Zaanstreek-Waterland werken intensief samen aan het invullen van de watertaken. We streven ernaar de kosten te beperken en de kwaliteit van het beheer te verhogen. Deze samenwerking in de waterketen is eind 2020 met 10 jaar verlengd om samen verder te verbeteren en effectief in te spelen op de vele nieuwe ontwikkelingen.
Onderhoud
Inspectie van riolering vindt plaats nadat de helft van de verwachte levensduur van een riool is verstreken, in de regel bij een ouderdom hoger dan 20 jaar. Door de slechte bodemopbouw is de levensduurverwachting van de gemeentelijke riolering relatief kort, gemiddeld 45 jaar. De frequentie, na 20 jaar, is risicogestuurd en afhankelijk van de functie en het verwachte verloop van de kwaliteit in de tijd. Bij bedrijfskritische onderdelen als afsluiters, persleidingen en vrijvervalleidingen, overstorten en lozingspunten van persleidingen/grote lozers gelden specifieke frequenties. Afgelopen jaren is begonnen met het oppakken van de uitgestelde rioolvervangingen. Komende jaren staan er zowel in Beemster als in Purmerend veel vervangingen in de planning. Daarbij maken we gebruik van verschillende technieken zoals ook het relinen, waarbij de overlast voor de buurt wordt geminimaliseerd.
Financiën
Om het rioolstelsel in de gemeente te beheren, te vervangen en te verbeteren zijn investeringen noodzakelijk. De kapitaallasten ten gevolge van deze investeringen, de exploitatiekosten, BTW en personele kosten en overhead leiden tot de totale rioollasten die door de rioolheffing gedekt worden. De voorziening rioolheffing bedraagt circa € 1,2 miljoen ultimo 2025. De voorziening rioolheffing wordt gebruikt om een 100% kostendekkend systeem te bewerkstelligen: voor- en nadelen op de opbrengst van de heffing en de lasten worden geëgaliseerd met de voorziening.
Kapitaalgoederen die onder het programma sport vallen, zijn het zwembad, de sporthallen, gymzalen en buitensportaccommodaties. De exploitatie, inclusief dagelijks onderhoud, van de sportaccommodaties is ondergebracht bij Stichting Spurd. Het uitvoeren van het groot onderhoud van de accommodaties valt ook onder de verantwoordelijkheid van Stichting Spurd. In overleg met Stichting Spurd worden de onderhoudsplannen bekeken en vernieuwd. Per jaar wordt de behaalde prestaties van Spurd geëvalueerd.
De binnensportaccommodaties worden beoordeeld op basis van de norm NEN 2767. In overleg met Spurd worden jaarlijks de onderhoudsplannen bekeken en vernieuwd. Uitgangspunt is dat de binnensportaccommodaties kwalitatief en toekomstbestendig worden onderhouden. We zetten in op het verduurzamen van onze panden waarbij we zowel kijken naar het opwekken van energie, als naar mogelijkheden om het energieverbruik te verminderen.
Grote investeringen voor de binnen- en buitensportaccommodaties worden door Spurd aangevraagd bij de gemeente. Het planmatig en dagelijks onderhoud wordt uitgevoerd door Spurd. Dit wordt met een jaarlijkse subsidie bekostigd. I
De gemeente heeft op grond van de onderwijswetgeving een zorgplicht voor de huisvesting van scholen voor het basis- (voortgezet) speciaal en voortgezet onderwijs. Deze zorgplicht is nader uitgewerkt in de 'Verordening voorzieningen huisvesting onderwijs Gemeente Purmerend 2026'. In de bijlage van deze verordening wordt de vergoeding van de normbedragen benoemd. De normbedragen en de indexering worden jaarlijks aangepast en vastgesteld. De regeling bevat vrij gedetailleerde ‘spelregels’ voor de schoolbesturen en het gemeentebestuur op het terrein van de onderwijshuisvesting. In de verordening is bepaald dat schoolbesturen in Purmerend jaarlijks aanvragen kunnen indienen voor huisvestingszaken, waaronder voor nieuwbouw, uitbreiding en eerste inrichting/onderwijsleerpakket.
In tegenstelling tot het overige gemeentelijk vastgoed zijn bijna alle schoolgebouwen niet juridisch in eigendom van de gemeente, maar van de schoolbesturen. Het beheer en onderhoud van deze gebouwen is primair de verantwoordelijkheid van de schoolbesturen. De schoolbesturen ontvangen hiervoor rechtstreeks middelen van het rijk. De gemeente blijft verantwoordelijk voor uitbreiding en nieuwbouw van onderwijshuisvesting. Er zijn enkele schoolgebouwen die de gemeente niet heeft overgedragen, dit zijn gebouwen die een multifunctionele invulling hebben.
In het IHP worden de plannen voor onderwijshuisvesting van het primair en voortgezet onderwijs in de komende jaren beschreven. Elk jaar wordt het programma geactualiseerd op basis van de leerlingenprognoses en de laatste ontwikkelingen. Bij de begroting worden de kredieten op basis van externe advisering geïndexeerd en vervolgens gefaseerd. Naast de investeringen wordt daarbij ook gekeken naar het budget voor eerste inrichting/onderwijsleerpakket, tijdelijke huisvesting en sloopkosten bij uitbreidings- en nieuwbouwprojecten.
Het onderhoud van de schoolgebouwen en daarmee het opstellen van onderhoudsplannen is de verantwoordelijkheid van schoolbesturen. Uitzondering hierop zijn de gebouwen die niet zijn overgedragen aan de schoolbesturen, voor deze gebouwen zorgt de gemeente voor een onderhoudsplan.
De gemeente wil haar duurzaamheidsdoelstellingen gaan realiseren door ook te investeren in energieneutrale maatregelen bij onderwijshuisvesting. Sinds 1 januari 2021 moeten alle nieuwbouwplannen volgens BENG (Bijna energie neutrale gebouwen) worden gerealiseerd. In het IHP is deze norm het uitgangspunt in de bekostiging.
Het beleid betreffende het gemeentelijk vastgoed is vastgelegd in de 'Nota Gemeentelijke Gebouwen Purmerend 2017' en verder uitgewerkt in het ‘’Jaarplan vastgoed 2025’’. Het gemeentelijk vastgoed wordt beoordeeld op basis van de norm NEN 2767. In het beleid worden 5 verschillende conditiescores gehanteerd waarbij 1 een uitstekende conditie is en 5 een zeer slechte conditie. Afhankelijk van de groep waarin het vastgoed is ingedeeld, dient het aan een minimaal conditieniveau te voldoen. Met de toepassing van deze condities wordt toegezien op de kwaliteit van de gebouwen. Wel is het zo dat bij een eventuele verkoop de opbrengst mogelijk beïnvloed kan worden door een onderhoudsachterstand.
Middels de nota Duurzaam Vastgoedbeheer is de transitie ingezet van instandhouding kernvastgoed naar energetische verbetering, klimaatverbetering, CO2-reductie en toekomstbestendig gebruik. Verduurzaming van het vastgoed is niet langer een afzonderlijk traject maar een geïntegreerd onderdeel van het meerjarenonderhoudsplan. Bij alle vervangingsinvesteringen worden maatregelen onderzocht, overwogen en meegenomen die passen bij een toekomstbestendige en duurzame vastgoedportefeuille.
Het gemeentelijk vastgoed wordt beoordeeld op basis van de norm NEN 2767. In het beleid worden 5 verschillende conditiescores gehanteerd waarbij 1 een uitstekende conditie is en 5 een zeer slechte conditie. Afhankelijk van de groep waarin het vastgoed is ingedeeld, dient het aan een minimaal conditieniveau te voldoen. Het gemeentelijk vastgoed bevindt zich in de categorie kernvastgoed en dient daarmee minimaal aan de conditiescore 3 (=goede conditie) te voldoen. Met de toepassing van deze condities wordt toegezien op de kwaliteit van de gebouwen. Wel is het zo dat bij een eventuele verkoop de opbrengst mogelijk beïnvloed kan worden door een onderhoudsachterstand.